Herinneringen aan Knack

Geert Bourgeois, toen nog voorzitter van de Volksunie, staat met zijn rug naar me toe en voor hem strekt zich een zee uit van cameralenzen en microfoonhengels. De foto doet mij onwillekeurig denken aan Christus voor Zijn rechters – de vloek van een christelijke opvoeding.

Het is mijn eerste herinnering aan Knack. Het was voorjaar 2001 en ik  was twaalf.

De Knack van Sus Verleyen heb ik nooit gekend.  Mijn Knack was die van Rik Van Cauwelaert en Koen Meulenaere en het is deze Knack die vandaag verdwijnt. Dat vind ik jammer, want ik heb geen eerste herinnering aan Humo, aan De Standaard of aan De Morgen. Knack was altijd bijzonder.

Ik herinner me ook nog het artikel bij de foto. Het was uitstekend en bondig: een heldere analyse van de doodsstrijd van een partij en ook de persoonlijke strijd van een man (op dat moment nog een hopeloze strijd, maar ik las geen leedvermaak). Ik heb die toon onthouden omdat ik die week na week zag terugkeren. Hoe ouder ik werd, hoe meer ik ging appreciëren dat Knack vaak rustig  bleef: opiniërend en prikkelend, maar toch nooit te reduceren tot één stem, één richting.

Mijn Knack is nooit een partijblad geweest. Het ergert mij dat sommige mensen vandaag doen alsof Knack onder Van Cauwelaert een wekelijks N-VA-pamflet was. Het geheugen van het publiek is blijkbaar kort. In de periode 1999-2007 kreeg Knack vaak het verwijt dat het een CD&V-blaadje was. Van Cauwelaert kreeg niet zelden een ACW-etiket opgekleefd.  En nu kan je veel zeggen over N-VA, maar niet dat ze overdreven veel gemeen heeft met de christelijke vakbond.

Knack heeft altijd een gezonde oppositie-mentaliteit gehad. In de paarse jaren schreef men zeer scherp over paars, en leunde men dus automatisch dichter aan bij oppositiepartij CD&V. Op dit moment is de Nieuw-Vlaamse Alliantie dé oppositiekracht, dus mag het niet verbazen dat kritische Knack bij momenten richting de Vlaams-Nationalisten neigt.

Het is jammer dat Knack in dit opzicht vrij uniek is. Eigenlijk zouden alle tijdschriften en alle journalisten per definitie op de oppositiebanken moeten zitten. Dat is misschien niet de grootste objectiviteit, maar wel de grootste vrijheid: onafhankelijkheid van de macht, los van elk establishment.

Als de nieuwe hoofdredacteur een zeer recent verleden heeft als persoonlijke medewerker van politici die allemaal uit dezelfde stal komen, dan verdwijnt de geloofwaardigheid van die onafhankelijkheid. Wie Van Cauwelaert echt wat gevolgd heeft, zal moeten toegeven dat je de man echt niet in één zak kan steken. Bij Jörgen Oosterwaal is dat al wat makkelijker.

Zeggen wij op 15 oktober meteen ons abonnement op? Natuurlijk niet. Maar ik zal Knack wel met andere ogen lezen. Vanaf nu staat de onafhankelijkheid van de chef wel ter discussie. En jammer genoeg ook de onafhankelijkheid van de redactie, die de nieuwe hoofdredacteur blijkbaar tegen wil en dank opgedrongen krijgt.

Als een redactie al niet meer over zichzelf mag beschikken, kan ze dan wel beschikken over de lijn van het blad?

“Men heeft vaak gelachen met de oude generatie van verzuilde verslaggevers, die zogezegd veel te dicht bij hun politieke broodheren stonden. Ik heb thuis het tegendeel gezien: mijn vader en mijn oom stonden veel verder van het dagelijkse politieke bedrijf dan journalisten vandaag. De oude generatie had zijn contacten en overlegmomenten, maar daar bleef het bij. Nu zie je journalisten boeken schrijven in opdracht van politici over wie ze geacht worden onafhankelijk te oordelen en te berichten. Ik heb daar vragen bij.”

Rik Van Cauwelaert heeft dat gezegd. In 2006.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: