Dode taal

En toen orakelde Chris Smits van het Vlaams Verbond van het  Katholiek Secundair Onderwijs (VVKSO) dat mensen “voor Latijn kiezen omwille van het prestige en niet uit interesse”.

Nou moe.

Ik heb zes jaar Latijn gedaan op een van die katholieke secundaire scholen van mijnheer Smits, vijf jaar ook met Grieks erbij. Prestige? Mijn school had oog voor prestige: het is een van die landelijke colleges die te boek staan als “eliteschool”. Maar mijn klasgenoten, en ikzelf, hebben voor Latijn gekozen (en opnieuw gekozen, op het einde van de eerste en tweede graad) omdat het ons lag, omdat het ons zinvol leek en omdat we het graag deden.

Heel dat discours over een “prestigieuze eliterichting” is geworteld in vooroordelen die al lang achterhaald zijn. Het zijn vandaag al lang niet meer de Latinisten die een school het meeste prestige opleveren. Mijn klasgenoten uit de GRLA zijn nu leerkracht, psycholoog of godbetert historicus geworden. Oud-leerlingen van de Wetenschappen-Wiskunde (WeWi) hebben dan weer ingenieursdiploma’s om mee te blinken in het alumniblad.

Zelf heb ik Latijn gedaan uit liefde én uit noodzaak. Ik kon namelijk op geen enkele andere plaats terecht. Wetenschappen, wiskunde, alles wat technisch of ruimtelijk inzicht vereist en de meeste sportieve dingen: ik heb het er zeer moeilijk mee. Maar taal ligt me wel, en ik doe het graag. Het ontleden van een oude, dode taal spreekt mij aan. Ik heb dat nooit glamoureus of bijzonder apart gevonden. De Latijnse was gewoon mijn redding.

Maar de richting is natuurlijk meer dan een schuiloord voor kneusjes die nergens anders voor willen deugen. Latijn studeren is (net als Grieks trouwens) niet vrijblijvend, het is niet zomaar een hobby voor nostalgici en hun kinderen. Het is ten dele een rijk en rechtstreeks contact met een lange traditie en een bijzondere erfenis, maar het is ook gewoon een zeer goede manier om taalinzicht aan te scherpen; om filosofie, cultuur en geschiedenis aan te reiken en om het abstractievermogen verder te ontwikkelen.

Kan dat dan op geen enkele andere manier? Natuurlijk wel. Is Latijnse inherent beter dan elke andere richting? Natuurlijk niet.

Ook in het onderwijs van morgen moet keuzevrijheid centraal staan. En dat betekent dat je ook voor de Latijnse moet kunnen kiezen, zoals mijn klasgenoten en ik dat verschillende keren hebben gedaan (en niet om de eer). Wanneer het vak Latijn in een hervormde eerste graad minder dan vier contacturen zou krijgen, is het vak ten dode opgeschreven. Je kan geen Latijn onderwijzen zonder een serieuze basis te leggen in de eerste graad.

En als het keuzevak Latijn vier uren zou krijgen in de eerste graad, wat verandert er dan eigenlijk? Zullen al die ouders die blijkbaar uit prestige kiezen voor het Latijn die keuze niet meer maken omdat “een richting” nu “een optie” heet?

Ik heb graag in het katholiek secundair onderwijs gezeten: ik zou er mijn eventuele kinderen ook naartoe willen sturen. Maar als ik de kranten mag geloven, dan zal het een privé-school moeten worden. Omwille van prestige? Neen, mijnheer Smits, dan heeft u er niets van begrepen. Wel uit liefde. Én uit noodzaak.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: